Go to top
Sla inhoud over

Het puberbrein

 
Puber, tiener, adolescent, allemaal namen voor jongeren tussen de 10 en 22 jaar. Het zijn de jaren waarin de jongere zich ontwikkelt tot volwassene.
 
 
 
Het begin van de puberteit vindt plaats in de hersenen. Er komt dan een hormoonafgifte op gang die voor een sterke lichamelijke verandering zorgt. Tegelijkertijd vindt een ontwikkeling plaats op verstandelijk - en psychosociaal gebied. Het is een periode van grote veranderingen. 
 

Wat gebeurt er in het puberbrein?

De hersenomvang neemt niet toe, maar er worden veel nieuwe verbindingen aangelegd en oude verbindingen verbroken. De ontwikkeling vindt als het ware van achter naar voor plaats. De achterste hersendelen zijn het eerste volledig ontwikkeld, het voorste deel het laatste. Het voorste deel (met de zogenaamde de frontale hersenshors en prefrontale cortex) is in samenwerking met andere hersengebieden verantwoordelijk voor verstandelijke functies, zoals: 
 
  • plannen
  • organiseren
  • abstract denken
  • sociaal gedrag
  • impulsbeheersing
 
Deze vaardigheden worden dus als laatste ontwikkeld. Wat veel mensen zich niet realiseren is dat deze ontwikkeling tot in de vroege volwassenheid doorgaat, tot 22-23 jaar.
 

Drie fasen

De ontwikkeling van jongeren is heel grof in drie fasen te verdelen:
 
  • Vroege adolescentie (ongeveer 10-14 jaar): In deze periode is de invloed van hormonen op de hersenontwikkeling erg groot. Kinderen in deze leeftijd reageren hoofdzakelijk emotioneel. Het rationele denken is nog onderontwikkeld. Dit heeft tot gevolg dat ze afgaan op hun gevoel, dat ze hun behoeftes snel willen bevredigen en impulsief te werk gaan. Jongeren in deze leeftijd zijn graag zelfstandig en onafhankelijk, zeker van hun ouders. Langzamerhand gaan ze zich in hun doen en laten naar hun leeftijdgenoten richten.
  • Midden adolescentie (ongeveer 14-16 jaar): De rol van emoties wordt minder. In deze fase gaan kinderen experimenteren op allerlei gebieden. Ze zijn geneigd om grote risico’s te nemen, omdat ze de gevolgen van hun handelen niet goed kunnen overzien. Ze richten zich steeds meer op hun leeftijdsgenoten en willen graag bij de groep horen.
  • Late adolescentie (ongeveer 16-22 jaar): omdat de hersenen zich nu helemaal ontwikkelen, leren de jongeren langzamerhand de gevolgen van hun acties te overzien en leren ze weloverwogen keuzes te maken.
 
Ouders hebben vaak goed in de gaten wat de eigenschappen en vaardigheden zijn van een gemiddelde puber. Veel ouders zijn echter geneigd om de vaardigheden van hun eigen kind wat hoger in te schatten dan die van de gemiddelde puber en dat is een valkuil.
 
Bron: hersenstichting: puberhersenen in ontwikkeling